sofieontheroad.reismee.nl

Zwijggeld, pickpockets en spam

Door Wim
Ons vertrek van bij het gastgezin op het eiland Madura ging gepaard met een aantal plichtplegingen. Zo moest en zou gastheer Lee ons trots meenemen naar een steenmijn. Onderweg lieten we enkele foto’s zien van de indrukwekkende mijn die we de dag ervoor toevallig met zijn 150 cc scooter passeerden. Meteen de reden dat die scooter van voor tot achter onder het witte stof hing (sorry Lee). Helaas was 'zijn' mijn nog een pak stoffiger en wilde hij er per se oprijden terwijl er volle bedrijvigheid was van graafkranen en vrachtwagens. We moesten uitstappen dus ploften we even met onze sandalen door de centimeters wit stof voor we terug in zijn propere auto kropen. Eigen schuld dit keer, Lee.
Toen hij besefte dat hij met 'zijn' steenmijn onze vondst van gisteren niet kon overtreffen zocht hij nog ergens een veld met tabaksplanten omdat hij begrepen had dat we dat nog niet gezien hadden. Communicatiefoutje dat we met een beleefdheidsfoto van het veld hebben opgelost.
Zijn schoonmoeder wilde ons dan weer volproppen met allerlei koekjes en wafeltjes, en bij ons afscheid moesten we na ons eigen ontbijt ook nog een bord huisgemaakte soep met rijst proeven. Zeer vriendelijk en lekker, maar veel te veel.
We namen de trein terug naar Surabaya waar we nog een dagje gevuld hebben met bezoekjes aan de in verval zijnde Hi-Tech Mall en een sigarettenfabriek. We wilden nu toch wel weten waar die tabaksbladeren van dat veldje naartoe gaan.
Dineren in Indonesië kan allerlei vormen aannemen. Je hebt de echte restaurants (te duur voor de locals), de TL-verlichte lokale zaken, de bakfietsstraatstandjes en de tenten op straat die elke avond opgesteld en terug afgebroken worden. Hier zit je op banken aan lange tafels. De mensen leven hier vooral buiten. Bij de straattentrestaurants passeren ook de muzikanten langs de tafels. De ene al muzikaler dan de andere. We ondergingen dit in het begin, en na lange tijd gaven ze het dan wel op. Ondertussen hebben we door hoe het werkt. Vanaf het moment dat je een geldbriefje geeft houden ze onmiddellijk op. Hoe slechter iemand speelt of zingt, hoe sneller er geld gegeven wordt. Je geeft ze dus zwijggeld. Konden we dat ook maar bij de moskeeën doen. Terwijl het de norm is om vijf keer per dag op te roepen voor gebed, lijkt het erop dat je op Java overspoeld wordt door eeuwigdurende gezangen die enkel westerlingen storen. Ik beschouw het als spam.
De tussenstop in de stad maakten we onderweg naar een van de hoogtepunten van de reis: de Bromo-vulkaan. Prachtige natuur en beroemd voor zijn zonsopgang. Jammer genoeg is de weg er naartoe ook berucht voor de pickpockets, veel te dure transporten en obscure overnachtingsplaatsen. We bereidden ons dus voor op het ergste.
Een korte zoektocht en vereende krachten met vier Duitsers bezorgde ons al twee comfortabele zitjes naar het op dik 2200 meter hoogte gelegen Cemoro Lawang, van waar we de vulkaan gingen aanvallen.
Dat hebben we meteen gedaan met een wandeling door de sea of sand om aan vulkaan Bromo te geraken. Die sea of sand mag je letterlijk nemen, het is een immense vlakte waar je een vijftal centimeter in het grijsbruine zand/stof zakt zodat je op den duur zelf volledig met een stoflaag bedekt bent. Daarna nog even 253 treden beklommen om letterlijk op de rand van de vulkaan te staan. Zijn laatste uitbarsting was in 2015, hopelijk blijft hij nog een dagje rustig. Indrukwekkend; een mens wordt er stil van, maar dat kan ook aan de combinatie van ijle lucht en een gebrek aan conditie liggen.
De zoektocht naar onze homestay leidde ons te voet naar het 300 steile meters lager gelegen Ngadisari waar we de eigenaar contacteerden voor het juiste adres. Hij kwam ons oppikken met de brommer en voerde ons diezelfde 300 meter terug naar boven tot 20 meter naast ons vetrekpunt. Voilà, hier is't. Gelukkig viel de kamer goed mee, en was er zelfs een warme douche. Een zeldzaamheid tijdens de reis. Lang konden we er niet van genieten want de volgende ochtend stond de wekker op twee uur om de zonsopgang rond de vulkaan te bewonderen. De zon kwam pas op om 5.37 uur, maar we hadden eerst nog een wandeling van anderhalf uur te doen. Steil bergop deze keer. En de zonsopgang is populair dus je moet op tijd vertrekken als je een comfortabeler plaatsje wilt bemachtigen. De vallende sterren die we onderweg naar boven zagen verzachtten de spier- en ontwaakpijnen. Onze pot met wensen was leeg na een tijdje dus die moesten we ook al niet meer meezeulen.
Boven gekomen konden we gelukkig nog even in het donker op adem komen want de zonsopgang was adembenemend. Mooie kleuren, de sea of sand bedekt met een laag wolkendek waar de vulkaan (eigenlijk zijn er zelfs vijf vulkanen, waarvan twee nog actief) bovenuit rijst. De natuur creëert mooie dingen.
Ondanks (of dankzij) we voorbereid waren op een worst case scenario met diefstallen, afzetterij en kakkerlekkenkamers is dit deel van de reis in zijn geheel een aangename meevaller geweest. Het internet heeft niet altijd gelijk.
Na al dat natuurschoon was de volgende bestemming een door de mens gemaakt prachtexemplaar: de grootste boeddhistische tempel ter wereld, die van Borobudur. Ook beroemd voor zijn mooie zonsopgang en we hadden de smaak te pakken dus: wekker op drie uur en hop! Anders dan de vele tempels van Prambanan staat hier één groot massief geheel. Een vierkante basis van 118 x 118 meter, 35 meter hoog, 9 levels vol sculpturen, beelden en uit steen gehouwen boeddhistische verhalen. De mens creëert ook mooie dingen…
Ook door de mens gecreëerd en niet altijd even functioneel is het internet. Pogingen om foto’s te posten op de blogsite hebben we moeten staken. Bij thuiskomst ondernemen we hiervoor een nieuwe poging.
 
 

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!

Deze reis is mede mogelijk gemaakt door:

Hamba